menu
play_arrow

Vlinderroute Amsterdam

22 April 2010
star

Hoe gaat het met de vlinders in ons land…? Worden er meer vlinders waargenomen in het noorden dan in het zuiden…? Zijn er meer vlinders nu er op een ander moment gemaaid wordt…? Welke invloed heeft klimaat verandering op vlinders…? Om dit soort vragen te kunnen beantwoorden is er een vlinder meetnet opgezet. Verspreid over het hele land zijn routes uitgezet, waar gedurende het seizoen elke week wordt genoteerd welke vlindersoorten er voorkomen en in welke aantallen.

morpho borneo
dag-nachtvlinders

Bij 'vlinders' denken de meeste mensen aan de vaak mooi gekleurde dagvlinders. Vlinders zijn onder te verdelen in 2 groepen, namelijk dag- en nachtvlinders. Er Komen in Nederland 53 soorten dagvlinders voor en zo’n 2000 nachtvlinders. Dagvlinders vliegen overdag, maar niet alle nachtvlinders vliegen ’s nachts. De belangrijkste verschillen tussen dag- en nachtvlinders zitten in de lichaamsbouw: Dagvlinders (a) vouwen hun vleugels in rust verticaal, recht boven hun lijf samen, en hun voelsprieten eindigen altijd in een knopje. Nachtvlinders (b) leggen hun vleugels horizontaal, plat over het lijf gevouwen, en hun voelsprieten eindigen nooit in een knopje.

Bij deze route kijken wij alleen naar dagvlinders. Dagvlinders houden net als mensen van mooi weer. Loop deze route dan ook overdag bij lekker weer. Voor vlinders zijn dat temperaturen boven de 17 graden of tussen de 13 en 17 graden bij weinig bewolking (minder dan 50%). Ook houden vlinders niet van harde wind en regen.

 

De volgende vlindersoorten zou je tijdens de route kunnen zien.

 

Witjes

Witjes zijn middelgrote vlinders die meestal wit van kleur zijn. De meeste soorten zijn zeer algemeen, maar op het eerste gezicht niet zo gemakkelijk van elkaar te onderscheiden.

1.  Groot koolwitje 

Het groot koolwitje is wit van kleur met een opvallende zwarte vleugelpunt, het zwart loopt door tot halverwege de vleugel. Het vrouwtje heeft twee zwarte vlekken op de bovenkant van de voorvleugel, het mannetje heeft deze niet.

2.  Klein koolwitje 

Kleine koolwitjes zijn doorgaans kleiner dan grote koolwitjes. De zwarte vleugelpunt is minder groot en daardoor minder opvallend dan bij het groot koolwitje. Zowel mannetjes als vrouwtjes hebben twee vlekken op de voorvleugels.

3.  Klein geaderd witje 

Op de onderkant van de vleugels van het klein geaderd witje zijn duidelijke aders te zien. De vlinders zijn ongeveer even groot als kleine koolwitjes en zijn soms moeilijk van elkaar te onderscheiden.

4.  Oranjetipje 

Het mannetje valt op door grote oranje vleugelpunten. Het vrouwtje heeft deze niet en lijkt daardoor op andere witjes. Vrouwtjes zijn te herkennen aan een groenig marmer patroon op de onderkant van de achtervleugels.

5.  Citroenvlinder 

Mannetjes zijn geel en gemakkelijk te herkennen.  De vrouwtjes zijn lichtgeel, maar te onderscheiden van andere witjes door de bolle vorm van hun vleugels en de puntige vleugelpunten.

Witjes
blauwtjes

Blauwtjes

Een familie van kleine vlinders. De onderkant van hun vleugels heeft vaak een mooi patroon van opvallende stippen. Blauwtjes zijn meestal blauw of bruin.

6.  Icarusblauwtje

Het icarusblauwtje is het meest geziene blauwtje van Nederland en vliegt meestal laag boven de grond. Mannetjes zijn blauw en vrouwtjes zijn bruin. Icarusblauwtjes hebben oranje-achtige vlekken op de onderkant van de vleugels.

7.  Boomblauwtje

Zowel mannelijke als vrouwelijke boomblauwtjes zijn lichtblauw. Zijn te onderscheiden van icarusblauwtjes doordat ze op ooghoogte fladderen en bomen en struiken in vliegen. Ook hebben ze geen oranje vlekken op de onderkanten van hun vleugels.

Vossen

Een gemakkelijk herkenbare familie van middelgrote vlinders.

8.  Dagpauwoog

Dagpauwogen zijn roodbruine vlinders met op de bovenkant van alle vleugels een grote oogvlek. De onderkant van de vleugel is zwart.

9.  Distelvlinder

Een vrij grote oranje vlinder met zwarte vlekken. De vleugeltoppen van distelvlinders zijn zwart met witte vlekken.

10.  Atalanta

De Atalanta is een vrij grote zwarte vlinder met in de vleugelpunt enkele witte vlekken. Over zowel de voorvleugel als de achtervleugel loopt een rode band.

11.  Kleine vos

De bovenkant van de vleugels van de kleine vos zijn buinoranje. Opvallend zijn de rij blauwe vlekjes langs de vleugelrand en het ‘zebrapad’ op de schouders.

12. Gehakkelde aurelia

Vlinders zijn oranjebruin met donkere vlekken. Gehakkelde aurelia’s zijn het best te herkennen aan de gekartelde vleugelranden. Op de onderkant van de achtervleugel bevindt zich een kleine witte C.

13. Landkaartje

Vlinders in het voorjaar en in de zomer verschillen sterk van elkaar; vleugels in het voorjaar oranjebruin met donkere vlekken en in de zomer zwart met witte vlekken. De onderkant van de vleugels is bruin met veel lijnen en vlakken waardoor het op een ‘landkaart’ lijkt.

Vossen
zandoogjes

Zandoogjes

De familie van zandoogjes is te herkennen aan de zwarte ogen op hun vleugels. 

14. Bont zandoogje  

De vlinder is donkerbruin met een opvallend geeloranje vlekkenpatroon. Op de voorvleugel zit een zwarte oogvlek met een witte kern. Op de achtervleugel zijn 3 à 4 van dit soort vlekken te zien.

15. Bruin zandoogje  

Vlinders zijn bijna egaal bruin. Het vrouwtje heeft op de voorvleugel een opvallend oranje veld met zwarte oogvlek en meestal een witte kern, bij het mannetje is de voorvleugel bruin met een oogvlek in de vleugelpunt. 

16. Hooibeestje  

De bovenkant van de vleugel is oranje met een smalle bruine rand. In de punt van de voorvleugel zit op een kleine zwarte oogvlek, deze is ook aan de onderkant van de vleugel te zien is en heeft daar een witte kern. Lijkt op een bruin zandoogje maar is veel kleiner.

17. Argusvlinder  

De Argusvlinder is oranje met donkere strepen over zijn vleugels als een soort netwerk. De oogvlekken op de bovenkant van de achtervleugel zijn zwart en liggen in een oranje vlak. De onderkant van de achtervleugel heeft een grijsbruine kleur met scherpe bruine lijnen.

 

Illustraties door Richard Lewington

  • place halverwege

  • place einde

Related